Posts tonen met het label bevruchting. Alle posts tonen
Posts tonen met het label bevruchting. Alle posts tonen

vrijdag 16 maart 2012

Sex een truc van de natuur 6

deel 6


De wetenschapper die zich met clonering  bij zoogdieren bezig houdt, zal wel niet geïnteresseerd zijn in het proces van de bevruchting. Er vind immers geen bevruchting plaats; die wordt omzeild; van een samentreffen tussen eicel en spermacel is daarbij geen sprakem, van liefde ook niet. Waar het proces aan natuurlijkheid verliest, wint het wel wat aan doelgerichtheid. Dat doel is  om bijvoorbeeld  van een winstgevend renpaard, een winner dus,  exacte genetische kopieën te maken en zo de goede  erfelijke eigenschappen in een volgende generatie veilig te stellen. De cloon kan ingeplant worden in een goedkope geschikte draagmoeder. Het mooie is, dat de donor alleen het genetische materiaal behoeft af te staan; de eicellen al dan niet diepgevroren komen van elders, natuurlijk wel van een uiterst gezonde merrie. De genetische donor waar het allemaal om draait, blijft zo beschikbaar voor de racerij en intussen wordt er voor nageslacht gezorgd. Het bijzonder aanlokkelijke perspectief is, dat zeker in de toekomst het mooie genenbestand van de snelheidsduivel(in)  uit stamcellen verkregen kan worden, en daar is met een beenmergpunctie gemakkelijk aan te komen. Daar moet nog wel wat aan gewerkt worden hoor, maar dat gaat zeker lukken, ook bij mensen. Doorfokken langs de traditionele natuurlijke weg, wat in principe uiteraard ook kan, is lang niet zo trefzeker voor  het behouden van goede eigenschappen, al zal dat wel veel gemakkelijker nakomelingen opleveren. Maar laten we wel wezen, dat veelgeprezen natuurlijke proces bestaat sowieso al lang niet meer, zeker niet in de stoeterij. Er is tegenwoordig geen hengst meer te vinden die nog eens een lekker nummertje heeft kunnen maken. Meestal is hij na het aftappen van wat liter sperma  op een kunstmerrie gepromoveerd tot ruin.

Reken er op dat de paring bij deze grote dieren een machtig en spectaculair iets is, maar wie is daar nog ooit getuige van geweest? Vrijwel niemand meer.  Die merrie moet echt stevig verankerd staan, en de hengst moet met vaste handen geleid worden en of de spaanders vliegen je om de oren.  De hengst moet hoe dan ook toch nog de nodige trappen incasseren. Het is daarom dat veelal KI (kunstmatige inseminatie) wordt toegepast. Dat kan met sperma van een kwaliteitshengst, die vrolijk rondstapt op de savanne in Australië. Ja hoor,  gewoon een paar milliliter afgetapt sperma diepgevroren in een buisje oversturen, nadat via internet de administratie geregeld is en klaar is Kees. Dat is dus allemaal een fluitje van een cent. De merrie merkt het nog niet eens, jij wel, in je portemonnaie. "Is ze goed in bed" durft menige snaak hier ten lande te vragen in weer een slap filmaftreksel. Nou bij ons mensen is de natuur aardig gekerstend, dus mag je blij zijn dat je niet zo'n prestaties hoeft te leveren. De paardenfokker heeft voor zijn kweekprogramma dus de keus tussen cloneren en KI. In  beide gevallen gaat hij uiteraard uit van het beste dat hij zich kan veroorloven. Het beste? Ja, dat wat in de racerij nu en straks het meest oplevert. Hier in belgie worden nog bepaalde lijnenn aangehouden puur voor de lol. Iedere rechtgeaarde Vlaming zal blij zijn bij het zien van Oud Belgische Trekpaarden, een toeristische attractie van formaat.

Gewoon lekkere stimulerende  sex, gevolgd door een natuurlijke bevruchting, is voor de voortplanting en voor het welzijn van de betrokkenen het allerbeste. De natuur vindt dat ook en heeft daar stevig op ingezet. In de loop van de evolutie van de zoogdieren is er een prachtig en doelmatig systeem uitgedokterd om bevruchting door één enkele  spermacel mogelijk te maken. Paring zorgt voor inwendige bevruchting, en  de trektocht van de spermacellen tot in de eileider selecteert de sterkste er uit. Waarom moet ik nou ineens aan de musical Hair denken? Geen idee, maar wel leuk. Dat ga ik zo eens even draaien.

Er zijn heel in de loop van de evolutie heel efficiënte afweermechanismen tegen polyspermie ontstaan,  die vrijwel met 100% trefzekerheid monospermie garanderen, dat is bevruchting door één (mono-) enkele spermacel (spermie).  Voor de natuur  is dat begrijpelijk. Wil het dier of de kudde tenminste een nageslacht krijgen. In geval van polyspermie (meer spermacellen die binnenkomen) gaat bij zoogdieren de ontwikkeling geheid mis, met een miskraam als gevolg. Dat betekent dus tijdverlies en energieverlies. Voor de kweker, de boer (varkens, koeien, geiten) of paardenfokker,  is het bovendien spannend of hij de goede eigenschappen in het nageslacht kan houden. Dat is nog een hele techniek, die soms wel en soms niet succesvol is. Daarin kunnen clonering en KI in principe soelaas bieden. Voorlopig ligt het % geslaagde clonen echter nog erg laag en clonering is dus voorlopig economisch niet zo interessant. Maar ik ben er vrij zeker van dat de rijke oliesjeiks in Saoedi-Arabië voor wie economie geen rol speelt zich daar tussen hun sexparties door wel mee amuseren.

 We moeten even bedenken dat bij de meeste diersoorten, en vooral die in het water leven, de geslachtsproducten gewoon in het water worden geloosd. Mannetje en vrouwtje hebben elkaar dan doorgaans wel eerst opgezocht en gaan dan samen op weg naar de paaiplaatsen. Uiterst boeiend is dat bij diverse diersoorten, bijvoorbeeld paling, zalm, kikkers, padden, salamanders  die paarvorming en de trek heel nauw komt. Padden trekken in de paartijd dikwijls over grote afstanden en getroosten zich veel inspanningen om naar het poeltje te komen waar ze door bevruchting ontstaan zijn, en waar ze hun "kindertijd" hebben doorgebracht.  Amfibieën kennen zeker wel paarvorming; het kleinere mannetje klimt op het vrouwtje en  houdt zich  op haar rug gezeten stevig vast. Hij heeft daar zelfs een paar eeltduimpjes voor.  Zij wandelt zo met haar pasagier naar het poeltje, zwemt het water in, en gaat op zoek naar  een geschikt plekje met oud of nieuw riet bijvoorbeeld, om haar "eieren," omgeven door een slijmmantel,  af te zetten. Het mannetje laat daar dan intussen zijn sperma overheen lopen . De bevruchting is dus bij kikkers en padden niet inwendig maar vindt buiten het vrouwtje plaats. Ik zeg nu "vrouwtje" omdat je van een moeder nu in feite niet kunt spreken. 


Sex een truc van de natuur 5


deel 5

Stel je bent een kweker, en je hebt een goede kweeklijn , zou je dan niet graag nakomelingen hebben met dezelfde erfelijke eigenschappen, en dus met identiek dezelfde genen ? Is dat niet waar elke kweker van droomt, vooral ook de dames  onder hen, die zich vaak bezig houden met de kweek van hun geliefde hondenrassen, die zo goed in de markt liggen, en, mooi meegenomen, een fortuin opbrengen. Dan zou je dat mooie dier het liefst cloneren: zorgen voor nakomelingen die identiek zijn aan dat prachtige exemplaar, of niet? Hoe moet dat dan, als cloneren praktisch niet mogelijk is? Wel, door een kunstgreep toe te passen. We vervangen  bij een aantal rijpe eicellen van een goed gastvrouwtje, de genen, dus al het eigen genetische materiaal door het genenbestand van het individu waar we zo graag kopieën van zouden willen hebben, de genenDonor en daarmee dragen we dus alle gunstige erfelijke eigenschappen van de genenDonor over op genenAcceptor. Dan zijn er twee mgelijke situaties:  het te cloneren dier kan zowel a) een vrouwtje als b) een mannetje zijn. Het gaat immers om een individu met unieke eigenschappen. De Biologie heeft ontdekt, dat het genetische materiaal  in een apart blaasje in de eicel zit, in de zogenaamde kern (nucleus). Het komt er dus op neer dat we de kern  uit de Acceptoreicel wegzuigen en vervangen door de Donorkern.  Hoe dat werkt in de praktijk? Wel, laten we allereerst kijken naar situatie a): er wordt door hormonale behandeling bij het te cloneren genenDonor-vrouwtje een aantal eicellen, versneld in rijping gebracht. Die kunnen dan uit de eierstok opgepikt worden. De behandelaar, veelal een biomedicus,  kijkt dan naar de eierstok via een beweegbare buis die langs de navel in de buik wordt gebracht, en speurt naar rijpe eifollikels (blaasjes waarin aan de binnenkant tegen de wand een rijpe eicel zit). Normal is dat er maar één, maar nu als resultaat van de hormonale behandeling zijn het er meerdere. De rijpe follikels worden leeggezogen, en de inhoud inclusief de eicel wordt in een kweekschaaltje overgebracht. In dat schaaltje zit dan dus de kostbare oogst aan hoogwaardige te cloneren eicellen. Van alk van deze eicellen wordt dan een voor een de kern opgezogen met een micropipet, om overgebracht te worden in een Acceptor-eicel waaruit de eigen kern is verwijderd. De truc is dat met een micropipet eerst de donorcel wordt aangeprikt waarna de kern wordt opgezogen. Met deze pipet, waarin dus de donor-kern zit, wordt de acceptor-eicel aangeprikt; de donor-kern wordt voorzichtig in deze eicel uitgespoten in de buurt van de kern van de acceptor. Terwijl de pipet wordt teruggetrokken wordt in één beweging de eigen kern van de acceptor-eicel opgezogen en meegenomen naar buiten. Daarmee is de omwisseling van kern voltooid.  Dat gebeurt allemaal onder het microscoop, met uiterst fijne instrumenten, waaronder een vlijmscherpe spits toelopende dunne glazen pipet, onder strikt gecontroleerde druk en zuigkracht, en onder steriele omstandigheden. Afijn, er komt dus nogal wat bij kijken, maar er komt nu dus geen spermacel meer aan te pas. Het mannetje is buitenspel gezet. Nou, dank u wel. De nieuwste ontwikkeling is dat er als donormateriaal gebruikt gemaakt kan worden van de kern uit gewone lichaamscellen van het te cloneren dier (of mens). Dat betekent uiteraard minder belasting voor de kostbare dieren die uiteraard  niet voor niets gecloneerd worden. In geval b) is het eenvoudiger want dan wordt uitgegaan van een stamcel (nee, niet spermacel!) van het te cloneren dier (een mannetje dus) waaruit de kern wordt vrijgemaakt en vervolgens in een ontkernde acceptoreicel wordt  ingebracht.
En  werkt dit? Nou en of, jammer genoeg wel, volgens velen. In feite is het al een oude methode die met enig succes al toegepast is bij een scala van (dier)soorten, van muis tot mens!! Bij de mens zijn langs deze weg geactiveerde eicellen met hun nieuwe DNA tot ontwikkeling gebracht, maar de wetenschappers hebben niet verder willen gaan dan tot  het moment net voorafgaand aan de innesteling in de baarmoederwand. Op dat het stadium  werd de "zwangerschap"  afgebroken, uit vrees voor allerlei ethische complicaties. Als je het volgende artikel leest in Wikipedia, dan kan je de schrik om het hart slaan (hier kun je ook in een schema zien hoe het gaat:
De winst met cloneren is dat het kostbare uitgangsmateriaal, bijvoorbeeld een renpaard, niet zwanger behoeft te worden maar in de running kan blijven, en winst oplevert, en bovendien veel meer nakomelingen kan krijgen dan langs natuurlijke weg het geval zou zijn geweest. Uiteraard treedt er ook een verjongingseffect op. Bij een één-eiige tweeling (strict genomen geen cloon!) zijn de nakomelingen even oud, bij clonering zit er een generatie tussen. Het is allemaal nogal praktisch, immers in diepgevroren toestand kunnen embryos die door clonering zijn  verkjregen, bewaard worden en over de hele wereld verhandeld worden.
Ikzelf was verbijsterd om te lezen hoezeer we al gewend zijn aan het cloneren van dieren en hoe het economisch gebruik van gecloneerd materiaal reeds onze samenleving is binnengedrongen. In Amerika mag langs deze weg verkregen voedsel, plantaardig maar ook dierlijk, zo in de schappen komen, zelfs zonder label.
Je kunt er donder op zeggen dat het ook in onderzoek aan de mens niet bij inleidende experimenten zal blijven. De mens  wil nou eenmaal manipuleren, ook op genetisch vlak. Het griezelige is dat er in de toekomst zeker ook genetische constructen gemaakt zullen worden met bepaalde aantrekkelijke genen. Dat is evolutie door middel “van de reageerbuis”. Voor menig malafide wetenschapper zal het een enorme verleiding zijn om bij de mens "clonering" verder  te gaan ontwikkelen en toepassen. Mogelijkheden voor verbetering van de techniek liggen voor de hand en zullen zeker opgepakt worden. De verleiding is des te groter omdat er naar verwachting in principe in een bepaald voorlopig klein percentage van de gevallen een normale ontwikkeling plaats vindt. De cloon zou dus genetisch identiek zijn aan de (stam)celdonor, al is er uiteraard wel een  leeftijdsverschil van minstens een generatie. Hoe? Ja, natuurlijk, ik zei het al, de donor (man of vrouw) en de draagmoeder zijn volwassen mensen, inmiddels laten we zeggen zo rond de 25 jaar oud, terwijl de genetisch identieke cloon nog geboren moet worden. Het genetisch geconstrueerde en gemanipuleerde materiaal zal verschrikkelijk goed lijken op de genendonor(man of vrouw), maar wordt daarin toch nog overtroffen door een eeneiige tweeling. Die zijn werkelijk 100% genetisch identiek aan elkaar. Uit onderzoek blijkt, en elk ouderpaar kan dat beamen, hoezeer de telgen van een tweeling zelfs in spraak, houding, gedrag en eigenschappen als intelligentie aan elkaar gelijk zijn. Zo'n eeneiige tweeling is bij  mens en dier gemakkelijk te maken, door het embryo op een jong stadium gewoon voorzichtig in tweeen te splitsen; beide helften kunnen ontwikkelen en een normaal individu opleveren, maar dat is geen cloon. Van cloon spreken we als de geconstrueerde nakomelingen ontstaan uit een volgroeid, respectievelijk volwassen individu. In principe kunnen er van een volwassen individu (man of vrouw) met behulp van een draagmoeder en een eiceldonor langs deze weg een onbeperkt aantal genetisch (vrijwel) identieke individuen voortgebracht worden, die naar believen door de "master " opgevoed en gevormd zouden kunnen worden. En, moeten we daar blij mee zijn? Nou nee, integendeel, en ik hoop dat de ontwikkelingen in deze thematiek nauwgezet en zeer kritisch gevolgd zullen blijven worden door ons mensen uit de samenleving maar ook door de voor wetenschapsbeleid verantwoordelijke politici, zodat we als samenleving niet ineens geconfronteerd kunnen worden met de producten van een zieke Faust-geest. Voortplantingsproducten die in alle opzichten normale en ook gezonde mensen kunnen zijn, maar met een wel zeer merkwaardige gedetermineerde, wellicht geïndoctrineerde, wordingsgeschiedenis. We weten dat het genenbestand ook mede bepalend is voor karakter en eigenschappen. Het is niet slechts science fiction hoor, en een horror scenario a la "Brave New World" van Aldous Huxley ligt nog steeds op de loer.

dinsdag 17 januari 2012

Sex: een truc van de natuur 2



De mens behoort tot de zoogdieren, en die kennen een inwendige bevruchting. Dat is tof, want dat betekent dat de man zijn penis bij haar naar binnen mag en moet frutselen, waar hij mag ik wel zeggen zonder veel tegenzin toe bereid is. Zij vindt dat ook lekker hoor, en laat je niet misleiden door haar gesteun en gekreun beste jongen. Je moet er ook niet raar van opkijken als je partner wat vocht produceert. De natuur heeft dat zo geregeld om het binnengaan te vergemakkelijken, maar tegelijk biedt het ook bescherming tegen diverse ongerechtigheden, zoals bacteriën en schimmels. Ja, wat wil je, vrijen is iets oers, en dat leent zich niet zo voor een deftige salon, alhoewel het ook daar onder het mom van een cultureel uitstapje door de baron met een van de danseressen bedreven wordt, zeker weten. Toch, bij  sex spelen andere mechanismen dan op de bank voor de TV met een zak chips.  Geef je je over aan een vrijage, dan beweeg je je als mens op een andere, meer driftmatige laag van je mens-zijn. Dat is spannend, maar het kan je ook verrassen, zeker als je met elkaar geen gelijke tred houdt. Als de geliefde eenmaal vochtig is, doet het echt niet zeer, integendeel, want het doet haar ook heel wat, tenminste als je als koppel elkaar ook emotioneel wat te bieden hebt, en er ondanks de drift ook wederzijds respect en ja ook liefde is. Als zij er aan toe is, dan wil ze maar al te graag jouw piemel in zich hebben. Denk maar niet dat die van jou te dik is of zo. Nee jong, dat ding met een omvang die een keer of vier zo groot is, kan er zelfs nog met gemak door. Hè, dat ding? Ja,  een baby kluns, het schrikbeeld van je dromen, maar ook het eindresultaat van een schitterend  ontwikkelings-proces, dat in gang is gezet door de bevruchting,  het versmelten van de eicel met een spermacel tot een nieuwe eenheid,  een eitje, dat dus een bevruchte eicel is. Daar zijn ze dan, de drie hoofdrolspelers in deze coup de théatre, dit levensspel: de eicel, de spermacel en het eitje. Als je persé dat  eitje wilt vergelijken met een kippe-ei, dan komt het eitje  van een mens overeen met de dooierbol, wat dus een enorm grote eicel is, een ei in een ei als het ware.  Die dooier zit dan ook propvol met voedsel, voldoende om zelfstandig uit te kunnen groeien tot een kuiken. De andere onderdelen  van het kippe-ei zijn omhullende zaken die bijvoorbeeld dienen ter bescherming (de schaal) en voor het schokvrij  ophangen van het ei in de schaal (eiwit en hagelsnoeren) . Ja, het is mooi geregeld in de natuur, maar het mooiste moet nog komen.
Wat zijn celllen? Dat moet je wel even weten voor de rest van mijn verhaal. Nou, cellen  kun je vergelijken met de bakstenen waar een huis mee opgetrokken wordt: het is de kleinste eenheid van leven. Nieuw leven begint met één cel, en uiteindelijk zijn het er vele miljarden. Net zoals er veel verschillende soorten bakstenen zijn, heb  je ook een grote variëteit aan cellen, die gegroepeerd zijn in weefsels, en organen, elk met hun eigen bouw en structuur,  die in hoge mate afgestemd is op hun functie in het lichaam. Zo  heb je dus in het lichaam verschillende celtypen. Cellen zijn, met enkele uitzonderingen, de zogenaamde stamcellen,  altijd hoog gespecialiseerd, dat wil zeggen toegerust voor heel bepaalde functie(s). Zo is een spiercel langgerekt en kan zich samentrekken, een huidcel is plat en verhoord en beschermt tegen uitdroging, etc. De eicel bij de mens is een klein levend bolletje, met het blote oog net zichtbaar, en is gespecialiseerd om, uiteraard onder gunstige omstandigheden te kunnen ontwikkelen eerst tot een foetus, vervolgens tot een baby om daarna uit te groeien tot een nieuwe mens. Maar eerst zal de eicel daartoe door een spermacel geactiveerd moeten  worden. Deze gebeurtenis, de bevruchting, brengt dus nogal wat teweeg.

De eicel kan tegenwoordig gemakkelijk uit het lichaam van de vrouw vrijgemaakt worden en in een kweekmedium worden overgebracht. Dat is voor de mens uiteraard tegennatuurlijk en dus is  er wel wat aan voorzieningen nodig om dat voor elkaar te krijgen. Stel een eicel is tot rijping gekomen in het lichaam van de geliefde, in de eierstok, het ovarium, en komt vrij  in de buikholte, vanuit  het ovarium, de eierstok, een soort druiventros waar eicellen bewaard worden tot ze rijp zijn en dan successievelijk vrijkomen, vanaf de pubertijd elke maand één (de eisprong).  Vandaar wordt het eicelletje dat dan nog omringd is door een laagje steuncellen, hofdames zeg maar, voortgestuwd door weer andere celletjes naar de eileider, wordt daar opgevangen in een trechter, en vervolgens verder getransporteerd vanaf de trechter door de eileider richting baarmoeder.  Nog in de eileider kan dan  het grote gebeuren van de bevruchting plaats vinden.  Zo niet, dan is alles tevergeefs geweest en begint het verhaal gewoon weer opnieuw. Dat kan zich in principe zo'n 400 keer herhalen, dan is het afgelopen, en heeft voor de natuur het vrouwtje afgedaan. Dan schuift er een andere schone op het voorste plan.

De eicel kan uit het lichaam van de vrouw vrijgemaakt worden, door het blaasje waar zij inzit ("een druif aan de druiventros") leeg te zuigen met een fijne pipet en het eicelletje in een kweekmedium te brengen. Dat is uiteraard een kunstgreep en in feite tegennatuurlijk. Er is dus wel het een en ander  aan voorzieningen nodig, kwa temperatuur, chemische samenstelling van het kweekmedium etc. om dat netjes voor elkaar te krijgen. Deze praktijk wordt tegenwoordig  echter routinematig toegepast bij IVF, in vitro fertilisatie. Het is namelijk gebleken dat de kwaliteit van het sperma, en daarmee van de zaadcellen, de laatste decennia aan het af nemen is. Bij een groeiend aantal koppels komt het voor dat de spermacellen in zo’n slechte conditie zijn, dat ze niet op eigen kracht de weg naar de eicel kunnen afleggen. Wat wil je als je twee koppen of twee staarten hebt. Die staart is een soort roeispaan, waarmee de spermacel zich vooruit stuwt. Het is en blijft voor zo’n klein celletje ook best een enorme afstand die overbrugd moet worden. Maar oké, lukt het niet langs natuurlijke weg,  dan zit er niets anders op dan IVF toe te passen. Daarbij wordt de spermacel nadat hij opgezogen is in een micropipet direct  in de eicel gespoten. Dat alles in een geschikt kweekmedium  uiteraard, en  onder het microscoop bij redelijk sterke vergroting. Verbazingwekkend niet? Ja, hè, maar zo moeilijk als het is, het werkt voortreffelijk.  Realiseer je echter eens voor de grap wat er allemaal bij komt kijken om IVF voor elkaar te krijgen. Maar ja, dat geldt voor allerlei technische toepassingen in de medische wereld. Toch, dit belangt ons wel zo direct aan, dat we er best eens stil bij mogen staan en stil van mogen worden. Deze ingreep is mogelijk, omdat de eicel paradoxaal genoeg aan de ene kant een geweldig incasseringsvermogen  heeft maar aan de andere kant  heel kwetsbaar is. Maar ik wil met jullie, lezers, terug naar het natuurlijke proces. Ik wil jullie vertellen wat mij zo boeit in die processen die leiden naar het ontstaan van een nieuw individu.



maandag 16 januari 2012

Sex: een truc van de natuur 1




Wie is er nou zo gek om een beschouwing te gaan wijden aan bevruchting, meestal een ongewenst, misschien wel  taboe-onderwerp.  Nou, ik dus, want het is een uitermate boeiend onderwerp en ik weet bijna wel zeker dat jullie het ook interessant zullen vinden. Immers, het gaat over jullie. Ah, denk niet dat je er al alles van af weet, niets is minder waar. Ach, ja, misschien vind je bij voorbaat dat wat je niet weet ook niet interessant of niet belangrijk? Misschien vind je het genant om die emotioneel toch wel beladen begrippen zo maar naast elkaar te zien staan. Tja als je er zo over denkt, dan houdt het hier voorlopig op voor je, tenzij je je over je schroom heen weet  te zetten, en dat zou ik je toewensen. Want, nee, dit wordt geen schuin platvloers sex-verhaal, ook al staat er dan >16 boven.

 Ja, ik snap het, je kunt je bij mijn topic, bevruchting,  niet zo gauw iets voorstellen. Maar als ik nu eens begin met je te vertellen dat het proces van bevruchting doorgaans plaats vindt in de nasleep van goede sex, binnen een toffe relatie met perspectief, begint dan je fantasie niet al een tandje hoger te draaien? Je gaat  vast in een nog hogere versnelling bij begrippen als minnekozen, vrijen, coïtus, neuken, aftrekken, bevredigen, pijpen, beffen,  orgasme, allemaal activiteiten die je samen, de een met de ander, onderneemt en waar je als adolescent of volwassene,  liefst samen met een ander, heel veel plezier aan kunt beleven. Er zijn er niet veel onder ons die bij het lezen van deze begrippen niet een aangename hunkering ervaren en er koeltjes bij kunnen blijven zitten. Dat is zelfs de nonnen in het klooster van Zr Gertrudis vermoedelijk niet gegeven. Nu dan, even vol er tegen aan: bevruchting is een proces dat zich voltrekt tussen een eicel en spermacel, in het lichaam van de vrouwelijke partner, en dat zich volkomen buiten haar wil om voltrekt. Je had het als je dat gewild had kunnen verhinderen door het te voorkomen, dat wil zeggen zorgen dat er geen sperma ook  maar in de buurt van de baarmoedermond kan komen.  Want is dat wel het geval, dan is het ook meteen beng! Ook als man, toch de leverancier van de succesvolle spermacel, die als een van de velen in een trance naar de eicel toegezwommen is (niet de man maar de spermacel), aangetrokken door haar geur, op dat nivo dus ook al, sta je daar volkomen buiten, ook al zit je er nog zo diep in. 

Een spermacel? Ik kan me voorstellen dat dit woord je weinig zegt. Maar sperma, dat zegt je toch zeker  wel iets? Sperma  is immers dat wittige, enigzins plakkerige, mja, aangenaam ruikende goedje, dat een man uitstoot als hij klaar komt, alleen, met haar of met hem. Normaal gesproken  komt dat spul niet zo maar ergens terecht natuurlijk. Als je als minnaar geluk hebt, en zij wil, oh zaligheid, niks  weten van condooms, maar wil zich wel houden aan PO, ja stom natuurlijk  maar dat komt nog steeds voor, dan wordt dat sperma netjes opgevangen door haar, de teerbeminde, en komt ergens bovenin haar vagina terecht, waar het wordt opgezogen door de baarmoedermond. De  geliefde gaat er vervolgens, of hij de leverancier het er mee eens is  of niet, en of zij dat nou wenst of niet, mee “van door”. Hij staat, na behoorlijk veel inspanning overigens, en na veel gesteun en gekreun, ook van haar kant, iets af en zij krijgt er iets bij, zijn sperma namelijk. En hoera, want precies op dat punt op de tijdlijn begint mijn kleine overdenking. Hahaha, wees gerust, dit wordt geen kerkelijke  uiteenzetting.  Maar, even serieus,  dat zou eigenlijk heel best gekund hebben, want de kerk heeft bij monde van zijn celibataire dienaren, uitvoerig maar vruchteloos over het fenomeen bevruchting nagedacht, en heeft zich afgevraagd wat er  nou zo zondig aan is en wat niet,  in een vergeefse poging om die in haar ogen voor haar dienaren en voor het kerkvolk  zo aantrekkelijk schandalige driftmatige neigingen onder controle te krijgen.  Zij, de celibatairen dus,  hebben zich van dit zwoele oergebeuren  van eicel en sperma afgekeerd, maar het fenomeen  is hen daarna meer dan  wat ook bezig gaan houden. Vervolgens  heeft de Kerk met het volle gewicht van haar bisschoppen alles in het werk gesteld om het op dat punt de mens zo onaangenaam mogelijk te maken. Wat er dus zo bijzonder is aan dat punt op de tijdlijn? Allez hè,  het hoogtepunt natuurlijk, met zijn ontlading, die bij de man een prettige zekerheid is en bij de vrouw een boeiend mysterie dat om voortdurende aandacht vraagt, en uiteraard aan alles wat er daaraan vooraf gaat aan voelen, tasten, strelen, wrijven, duwen, trekken, knijpen, kortom een hele actie-vocabulaire, ah ja, neuken niet te vergeten. Ah werkelijk teveel om op te noemen, en allemaal activiteiten die bedoeld zijn om dat ene punt te bereiken en liefst nog verder in de hoogte te stuwen, het hoogtepunt dus. Van wat? Hè?  Van ons natuurlijk: ons sexuele hoogtepunt. Eigenlijk kan van alles onder die ene sexparaplu gebracht worden, want sex is een grandioos feest van het leven, of minstens behoort het te zijn. Daarin wordt door onze voorgangers over het algemeen maar een mager voorbeeld gegeven, door burgemeester Ilse (uit Aelst) bijvoorbeeld, van hoe het,ehh, nou ja, ….moet, ja, vul het zelf maar in. Tjé, zei ze later, toen dat filmpje voor iedereen op Youtube stond , nog altijd overtuigd van haar gelijk, dat gebeuren was eigenlijk wel privé, daar had niemand zaken mee. Ze stond, blijkens het filmpje, nochtans open en bloot, ja, ik kan het me zo goed inleven hè, zo lichtelijk voorovergebogen en benen wat gespreid, vandaar dat ze zo kleintjes overkwam,  achter de borstwering, beide handjes er op, terwijl ze door hem van achteren met vaart gefrekwenteerd werd. Het liet aan duidelijkheid allemaal niets te wensen over,  met volle inkijk eigenlijk in haar psychische en lichamelijke welbevinden. Dat ik dit zo maar durf aan te halen? Nou het filmpje stond tot voor kort nog steeds op Youtube, voor iedereen vrijelijk toegankelijk. Ik geloof dat het nu eindelijk weggehaald is. Volgens sommigen zou dit een verkiezingsstunt kunnen zijn, maar dan wel een met  veel overtuigde persoonlijke inzet, en kom daar maar eens om tegenwoordig. Nou ja, Ilse had het zich mede gezien de reacties wat gemakkelijker kunnen maken, maar ja, zal ze gedacht hebben, je moet er wel wat voor over hebben, om als vrouw burgemeester te kunnen blijven, en een nummertje reggae is ook nooit weg. Ja, nou, doe het ook maar eens, zo hoog verheven tussen de kantelen van een Middeleeuwse Burcht, en zo open en bloot. Die kantelen  zouden het eens moeten begeven. Je weet maar nooit met die ouwe rommel. Eigenlijk was het een beetje zot om daar zo tegen aan te staan duwen. Die plek was trouwens wel goed gekozen, want het is immers een cultuurmonument. Nee, hmm, toch niet helemaal normaal eigenlijk. De ongeïnteresseerde houding van de man, haar vriend, tijdens zijn activiteiten achter haar rug, is daarbij een raadsel. Hem lijkt het niet veel te doen. Hij keek om zich heen alsof hij op zoek was naar de brievenbus, rook tussen door eens aan  zijn vingers en vroeg zich waarschijnlijk af wanneer het nou eens gedaan was. Maar ach, net als in de kerk, in de politiek weten ze niet van opgeven, kijk maar naar Steve Stevaert, die heeft aan zijn corrupte praktijken ook weer een mooie krul gegeven. Het schijnt trouwens, dat Ilse wel vaker zo’n stunt uithaalt; nee jongens sorrie, spijtig voor jullie, maar niet met de lagere ambtenaren van achter de balie. Het achterwerk is voor de hogere leden. Ja, ja, ik weet het, jullie zouden ….Nee, inderdaad, laat maar…Bij nadere beschouwing en zeker na dat interview in de krant waar ze te kennen gaf er "ondertussen" nog steeds geen graten in te zien, en als Burgemeester aan te willen blijven, ben ik het ook maar een, ja “een lekker wijf” gaan vinden. Ja, wat moet je als man anders?  En Jef vindt dat ook, zoals hij me laatst wat mokkig toevertrouwde. Ja, zei hij, “den duvel sch…”. Jammer, maar Jef zal nu wel helemaal geen kans meer maken.

Sex duurt in de meeste huishoudens maar kort, want in het huishouden geldt doorgaans dat als  het "eenmaal begonnen is, dan rampetampen we in een ruk door tot dat we, liefst tegelijk, dat ene piekpunt bereiken". Een vluggertje als dat van Ilse neemt doorgaans niet meer dan een minuut of vijf in beslag, wat de buurman ook moge beweren.  Als zij geluk heeft en hij al wat ouder en wat eerder moe is, en noodgedwongen zijn drift voor meer tederheid moet inruilen, dan levert dat wat aangename tijdwinst op, en dat is wel zo ontspannend.  Maar hoe dan ook, het is op afstand het grote spel van de natuur en het spel is gericht op, juist, de voortplanting, ja hoor: het in stand houden van de soort, dat zijn wij met ons allen. Dat is dus wel heel wat anders dan het vlug verschaffen van wat genot: "Jef, en,  hoe was ze in bed?" is dus eigenlijk lulkoek.

 Met de introductie van de pil is sex losgekoppeld van de voortplanting en een geïsoleerd fenomeen geworden. Daarmee  is het gebeuren tevens van de diepere zin en van het mysterie beroofd, namelijk voorspel te zijn voor dat grandioze gebeuren: de daaropvolgende bevruchting, het opwekken, het wakker maken van de eicel, die daarmee tot een eitje wordt, iets dat kan ontwikkelen, waarmee  de kiem gelegd wordt voor nieuw leven, een nieuwe mens.  Daar kan de witte Tovenaar in Orthanc, met  zijn Orcs niet tegen op. Dit, beste lezer, is hèt grote wonder in de natuur.

Het zou kunnen jongeman, dat  jij je in bed triomfantelijk heer en meester voelt, maar je bent gewoon, net als iedereen slaaf van je instinctieve neiging, door de natuur verzonnen en opgelegd om één zaak zeker te stellen: de voortplanting, want in de natuur draait daar alles om.  Dat kleine pleziertje zij je gegund, maar uiteindelijk ben je doodgewoon, net als alles wat mannelijk is,  de klos. Alle leven, palntaardig of dierlijk, speelt dit spel, en is er soms helemaal aan verslingerd ook, kijk maar naar de Bonobo’s,  behalve dus onze religieuzen. Officieel dan, want privé ligt of staat dat allemaal heel anders, zoals elke misdienaar van mgr VanGheluwe weet en soms ook aan den lijve ondervonden heeft. Deze brave bloedworst bestond het om tot rechtvaardiging van zijn kindermisbruik, staande op een spreekgestoelte nota bene in een universiteitsaula letterlijk te beweren: "zo lang het zaad er niet uitspuit, is het geen zonde". Daarmee heeft hij dus alle adolescenten veroordeeld om hun zondige gedrag, en heeft hij  zichzelf gekroond met de opperste stompzinnigheid als symbool van zelfbedrog. Maar , allez, ik zou het hier niet over sex hebben en waar die drift allemaal toe kan leiden. Als je op de hoogte wil blijven kijk dan maar liever naar BNN, of lees het zoveelste sexartikel van Goedele, die, ehh, is het jullie ook zo opgevallen, weer eens geflopt is, en die een steeds lagere stem begint te krijgen, zou dat van de testosteron die ze slikt  komen?; of de memoires van VanGheluwe, die ongetijfeld binnenkort geveild worden en door een of andere journalist uit Hasselt  met subsidie van de gemeente worden uitgegeven. Nee, het onderhavige  exposé gaat over voortplanting, wat een zuiver en edel doel is. Vergeef me mijn lichtelijk badinerende toon, maar dat moet wel bij zo’n ernstig onderwerp. Sex is daarbij wel nodig maar is een bijkomend fenomeen.  In feite is het een toegift om de partners in het gebeuren zover te krijgen, dat hij zijn sperma bij haar naar binnen kan brengen. We kunnen ons nog zo bezig houden met sex, maar het is en blijft een randgebeuren, wat Goedele ook mag beweren. Dat orgasme van haar kan ze in haar "Orgasmeboek" nog zoveel  opblazen, het is in het verbanfd van de natuur en in het verloop van een menseneven van teriair belang, net zoals haar mening trouwens.  Ze weet dat ook best, maar probeert toch de veronderstelde belangstelling voor haar orgasme als financieel melkkoetje uit te buiten. Het moet haar wel slecht gaan zeg. Wat is het anders dan  een ietwat veredelde vorm van prostitutie om zo je eigen lichamelijkheid, weliswaar in boekvorm, te koop aan te bieden. Als je dus iets over sex wil lezen, ga dan maar liever kijken op internet, maar kijk dan wel uit dat je niet bedolven raakt onder het overweldigende aanbod van pagina’s over vagina’s en gelul over lullen, en de stompzinnige zich alsmaar herhalende ongebreidelde fantasie daaromtrent, doorgaans van de grootst mogelijke platitude. Daarin doet het niet onder voor het astrologie-gezever, dat naast de kookshows, gelukkig heten de koks niet allemaal Piet, zo’n opgang beleeft. Tja, het levert geld op, maar ik moet er niet aan denken dat ik langer dan drie seconden tegen een van die betweterige wijzen, eh, ja, wijzen, hahaha, aan zou moeten kijken. Nog niet al win ik er de Lotto mee. Geloven in je eigen ongeloof. Niet te geloven. Treurig nageslacht.

Waar zou ik het dan wel over willen hebben? Wel, over het avontuur van een eicel en haar uitverkoren spermacel, en de scheppingsdans die door deze twee halve garen uitgevoerd wordt. Halve? Ja, halve, ze missen namelijk een helft, van het aantal chromosomen. Bij de mens 48: 24 in de spermacel en 24 in de eicel, samen voltallig. Daar mag niets mis mee zijn of gaan, want dan scheelt er iets ingrijpends aan de erfelijkheid. Dan wordt er een mongooltje geboren of een kind met een open ruggetje of zoiets ergs. Ja, het is een blij maar ook heel indringend gebeuren; het ligt aan de basis van het leven, ook dat van ons. We zijn, mogen we aannemen, allemaal uit een liefdesspel tussen twee mensen geboren, maar dieper liggend nog, zijn we het resultaat van het treffen tussen die twee cellen: de eicel en een spermacel. Valt je niets op? We spreken van de  eicel en één spermacel.  Dat komt omdat er maar één eicel in het spel is maar een paar miljoen spermacellen, waar er tenslotte maar één van uitverkoren is. Ik besluit dit eerste deel  met een citaat: "Es ist  kein Tierchen so froh wie ein Spermatozo". Waarom? ha,ha, omdat die spermacel als enigste uitverkoren is om met de eicel te versmelten natuurlijk. Alleen weten ze dat pas aan het eind van de race. Dat was een leuk zinnetje uit mijn studententijd, dat als tussenwerpsel bij discussies met veel jolijt, en altijd met goede zin, te pas en te onpas vanachter de bekende schuimkraag, werd geventileerd. Goed, wacht even. Bij dit proces zijn dus drie aspecten te onderscheiden. Ten eerste wordt de kop van de spermacel door en in de eicel opgenomen, de bevruchting, hoera,  en  komt het DNA van de man dat vervat is in de chromosomen vrij, en wordt beschikbaar voor de sturing van de embryonale ontwikkelingsprocessen. Ten tweede wordt een afschermingsmechanisme actief dat verhindert dat er nog meer spermacellen in het ei kunnen binnendringen; dat zou namelijk desastreus zijn. Ten derde de activatie van de eicel, die daardoor van een rusttoestand over gaat in een proces van embryonale ontwikkeling dat uiteindelijk resulteert in nieuw mensenkind. Daarover een volgende keer.